Geologisch Technisch Laboratorium

Portugees graniet met Tourmalijn, gepolariseerde opname.
Portugees graniet met Tourmalijn, gepolariseerde opname.
Het Geologisch Technisch Laboratorium houdt zich, met behulp van technische kennis en creatief inzicht, bezig met het voor wetenschappelijk onderzoek en onderwijs bewerken van materialen die in en aan het oppervlak van de aarde of daar buiten hun oorsprong hebben. Door de ontwikkeling van geavanceerde apparatuur en de mogelijkheden daarmee ontstond de vraag naar evenredige preparaten.

Bijzondere materialen, (ook niet geologische) vragen om een bijzondere behandeling. De ontwikkeling van eigen technieken en preparatiemethoden is dan ook belangrijk; research is een essentieel onderdeel van de werkzaamheden.


Werkzaamheden

Hieronder staat een lijst met de werkzaamheden die het Geologisch Technisch Laboratorium uitvoert:

  • Portugees graniet met Tourmalijn, gepolariseerde en ongepolariseerde opname
    Portugees graniet met Tourmalijn, gepolariseerde en ongepolariseerde opname.
    Dunne doorsneden (DD’s) voor optische microscopie. Afhankelijk van de opdrachtgever en het materiaal 10 µ of 23 µ dikte, afm. 28 x 48 mm. tot 100 x 200 mm. 
  • Gepolijste dunne doorsneden (PDD’s) voor metingen met de elektronen-microsonde; kwantitatieve chemische analysen aan zeer kleine volumina (een paar micrometer diameter); afhankelijk van de opdrachtgever en het materiaal 10 µ of 23 µ dikte, afm. 28 x 48 mm. tot 100 x 200 mm.
  • Dunne doorsneden micromorfologie; bij de voorbewerking van klei, veen en leem wordt gebruik gemaakt van verschillende technieken. Drogen in een droogstoof voldoet niet i.v.m. het ontstaan van klonten en/of krimpscheuren, dit wordt voorkomen door:  
    a. De vacuümklok voor het onder vacuüm drogen van vochtig materiaal waarbij oxydatie niet gewenst is maar krimp te berekenen is.
    b. Het in baden met aceton plaatsen om vocht langzaam door aceton te laten vervangen waarna impregnatie mogelijk is.
    c. Het invriezen met vloeibare stikstof van vochtig sediment waarna het materiaal gevriesdroogd wordt en vervolgens ingebed kan worden. Inbedden gebeurt vervolgens door onder vacuüm in te gieten en onder druk te laten uitharden.
    Na één van deze voorbewerkingen is het materiaal geschikt om volgens de beschrijving van de basisbewerking verwerkt te worden. Hierbij is tussentijdse oppervlakte impregnatie altijd noodzakelijk.
  • Fluïd inclusions, 2 fase insluitsels
    Fluïd inclusions, 2 fase insluitsels.
    Fluïd Inclusions (FI’s); minuscule insluitsels in mineralen gevuld met vloeistof, gas en/of dochtermineralen monsters. Hiertoe moeten preparaten worden gemaakt welke aan beide zijden zijn gepolijst van 100 - 300µ dik, afhankelijk van de helderheid van het materiaal. Deze worden gebruikt voor de studie van fasenovergangen aan fluïde en vaste insluitsels in gesteenten en mineralen d.m.v. Linkam en Chaixmeca heating/freezing tafels. De afwerking moet zeer hoogwaardig zijn om ook kleinere insluitsels scherp te kunnen waarnemen. 
  • Polijstvlakken (PV’s); in kunsthars gegoten kristallen of ertsen, gepolijst en opgedampt voor de elektronen-microsonde. 
  • Single-grain Argon-isotoop preparaten; individuele of kleine groepjes mineraalkorrels van 20 tot 70 µ, ingegoten, geslepen en gepolijst. 
  • Shrimps; ionenmicrosonde monsters voor metingen in Canada, Sweden en Australie. Vrijliggende zirkonen van 20 tot 70 µ., ingegoten, aangeslepen en gepolijst tot een preparaat van 25mm. in doorsnede, 2 mm. dik. 
  • Micro-sampler preparaten; in kunsthars gegoten gepolijste doorsneden van variabele grootte, circa 200 tot 300µ dikte voor het uitboren van kalkpoeder in groeilijntjes van molusken, belemnieten en rudisten. Hierna kunnen stabiele zuurstof- en koolstofisotopen gemeten worden met de diverse massaspectrometers o.a. voor ouderdomsbepalingen. De kunsthars beschermt het fragile materiaal. 
  • Vlakken van boorkernen voor o.a. High Pressure Meassurements.  
  • Maken van boorkernen en precisievlakken voor het koppelen van geologische en geofysische parameters, door middel van multisensor tracking, high pressure cell en hoge resolutie technieken. 
  • Slabs, gepolijste oppervlakken t.b.v. optische bestudering van gesteenten. 
  • Strooipreparaten; PDD’s van op optische as vrijliggende kristallen < 50µ. Ingebed in kunsthars op glas. 
  • Standaarden; gepolijste, in rvs hulsjes gegoten referentie elementen of mineralen welke bij het analyseren met de Microsonde van PDD's en PV's gebruikt worden. 
  • Beschadigingen die bij het meten ontstaan door inbranden, maken het oppervlak na enige tijd onbruikbaar voor betrouwbare analyses, daarom worden zij na een aantal keren in gebruik te zijn geweest opnieuw geslepen en gepolijst.
  • Dinotanden
    Dinosauriertanden in sedimentair materiaal.
    Lakprofielen; een lakprofiel is een afdruk van grondlagen met behulp van lak. Grote profielen worden in het veld gemaakt, maar door halve boorkernen op eenzelfde manier te prepareren kunnen vergelijkbare profielen gemaakt worden. Zij worden gebruikt om zowel een lithologische als een texturele beschrijvingen van de ondergrond te maken die anders niet mogelijk is. Naast deze onderzoeksfunctie vormen zij belangrijk bodemarchiefmateriaal en daardoor ook geschikt voor onderwijs. Het oppervlak wordt bestreken met lak, na 24 uur zijn de vluchtige stoffen verdampt maar is de lak nog niet uitgehard. Hierover gaat los geweven textiel en een nieuwe laag lak. Door de textiel met de nu taaie laklaag voorzichtig te lossen, om te draaien en op spaanplaat te “plakken” kan men de kernen bestuderen. 
  • Peels; acataat afdrukken van sedimentgesteenten of losse fossielen in acetofaan. De gesteenten worden na het zagen geslepen en geëtst en vervolgens met acetofaan afgedekt en vochtig gemaakt met aceton. Na het uitharden van de acetofaan wordt de peel verwijderd van het gesteente. Er is nu een duidelijke afdruk van het gesteente of de fossielen ontstaan. Dit wordt vervolgens tussen glas geraamd als een soort dia. Kleine fossielen worden in kunsthars gegoten voor er slijp- en etsbewerkingen kunnen gebeuren. 

Faciliteiten

Het Geologisch Technisch Laboratorium beschikt over verschillende machines:

  • Ammonieten in sediment
    Ammonieten in sediment.
    Diverse zaagmachines (water of olie gekoeld) waarmee van groot, - zaagblad Ø400 mm -, tot klein, -dikte 0,6 mm - gezaagd kan worden. Tevens is er een gediamanteerde reverserende draadzaag Ø 0,2 voor zeer dunne evenwijdige coupures. 
  •  Een gestuurde vlakslijpmachine met een gediamanteerde verticale schijf met een slijpbereik van 450x200x400 mm, olie gekoeld, afname instelbaar vanaf 1µ. 
  • Een handmatige vlakslijpmachine met een gediamanteerde verticale schijf met een slijpbereik van 450x200x400 mm, olie gekoeld. 
  • Diverse Slijpmachines 
  • Polijstmachines 
  • Kolomboor voor boorkernen 
  • Vriesdroger 
  • Vacuümklok 
  • Droogstoof en ovens 
  • Ceramische oven voor het vervaardigen van prépolijstschijven  
  • Baby bandschuurmachine 
  • Microscopen (doorvallend licht, polarisatie en opvallend licht)  

Externe opdrachtgevers

Door het aanbod van het totale scala aan werkzaamheden werkt het laboratorium ook regelmatig voor onderzoekers en bedrijven buiten de VU. Voorbeelden hiervan zijn:   

  •  Faculteit Scheikunde, vakgroep Chemische Technologie UVA, Amsterdam
  •  TNO, Delft
  •  Het NIOZ, Texel
  •  Rockview Gesteente - Expertisebureau, Amsterdam
  •  Natuurhistorisch Museum, Leiden
  •  Archeologisch Museum Aruba
  •  Faculteit der Aardwetenschappen alg. en Geochemie RUU, Utrecht
  •  GEO-RS, Colomiers, Frankrijk
  •  Ecole Normale Supérieur, Parijs, Frankrijk
  •  University of Alabama, USA
  •  Zinmann Institute of Archaeology, Haifa, Israel
  •  Dipartimento di Scienze della Terra, Università di Siena, Italië
  •  Dipartimento di Scienze della Terra, Università di Perugia, Italië
  •  Dipartimento di Scienze della Terra, Università di Torino, Italië  

Contact

Wilt u weten wat wij voor u kunnen doen? Neem dan contact met ons op.

Dhr. Bouke Lacet
Kamer F421 
020 - 598 7405
b.lacet@vu.nl