Beoordeling

Voor meer informatie over de Research Paper Business Analytics kun je de Handleiding Research Paper Business Analytics doornemen. Voordat een student aan de paper begint moet duidelijk zijn wat van hem/haar verwacht wordt. Meld je daarom altijd enkele maanden van te voren aan bij het Stagebureau.

Daarnaast kan de Research Paper Business Analytics begeleider de student bij aanvang wijzen op de volgende zaken. 

Naar aanleiding van een probleemstelling doet de student een onderzoek. De bronnen van het onderzoek kunnen literatuur zijn, maar het kan zeker ook aangevuld worden met “eigen” onderzoek. Het betrekken van gegevens uit de praktijk is niet noodzakelijk, maar wordt wel op prijs gesteld. Dit vaak veelal het onderzoek ook voor de student interessanter. De student legt de resultaten schriftelijk vast. Het moet een helder, to the point verslag worden (niet te veel onderwerpen naast elkaar behandelen) met een logische opbouw. Modellen en formules moeten worden uitgewerkt en onderbouwd. Tenslotte geeft de student een mondelinge presentatie.

Indien studenten hun Research Paper Business Analytics presentatie willen oefenen c.q. informatie willen over presenteren, dan kunnen zij contact opnemen met het Stagebureau.

De begeleider geeft het cijfer, gebaseerd op:

  1. wijze waarop de paper tot stand gekomen is;
  2. schriftelijke rapportage;
  3. mondelinge rapportage.

ad. 1: Wijze waarop de paper tot stand gekomen is, hierbij wordt gelet op:

  • manier van werken (zelfstandigheid, eigen initiatief, resultaatgerichtheid);
  • heeft de student de tijdsplanning goed kunnen volgen.

Hierbij wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid van bronnen (complexiteit van het onderwerp).

ad. 2.: Schriftelijke rapportage, criteria zijn:

  • het bedrijfsgerichte aspect moet in relatie staan tot aspecten uit de wiskunde en/of de informatica; zowel theoretische als bedrijfsgerichte aspecten moeten in het verslag naar voren komen;
  • de paper moet 'wetenschappelijk' genoeg zijn: de beweringen moeten reproduceerbaar en objectief zijn, de keuzes moeten onderbouwd zijn. Modellen en formules moeten niet alleen genoemd worden maar ook uitgewerkt, de student moet tonen e.e.a. tot in detail te begrijpen;
  • de rapportage moet een heldere probleemstelling en analyse bevatten; de beoordelaar dient te letten op de gevolgde methodiek, de opbouw (logisch), afbakening (niet te breed), definities, leesbaarheid in relatie tot de doelgroep en de formulering van conclusies en aanbevelingen (eigen inbreng);
  • bij de beoordeling dient gelet te worden op typische verslagtechnische aspecten (taalgebruik, uiterlijke afwerking).

ad. 3: Mondelinge rapportage, criteria voor beoordeling zijn:

  • beheersing van het onderwerp; weet de student wat de essentie is van het verhaal?
  • beantwoording van gestelde vragen;
  • wijze van presentatie (houding, betrekken van het publiek, stemgeluid etc.), inclusief gebruik van hulpmiddelen (bij voorkeur beamer).

De begeleider gebruikt bij de beoordeling het beoordelingsformulier. Zo mogelijk bespreekt de begeleider deze beoordeling met de student.